De perimenopauze en menopauze uitgelegd
Wat er in je lichaam gebeurt, welke klachten veel voorkomen, wat helpt en wanneer je naar de huisarts gaat. Gebaseerd op de Nederlandse richtlijnen voor huisartsen en bedrijfsartsen.

Wat er in je lichaam gebeurt
Vanaf je vroege veertiger jaren maken de eierstokken langzaam minder oestrogeen en progesteron aan. Dat gaat niet in een rechte lijn. Een aantal jaren kunnen de waarden van maand tot maand op en neer gaan. Daarom wordt de menstruatie vaak onregelmatig en kunnen klachten komen en gaan.
Artsen gebruiken drie termen voor deze periode:
- Perimenopauze: de jaren voor je laatste menstruatie, tot een jaar daarna. In deze periode beginnen de meeste klachten.
- Menopauze: je allerlaatste menstruatie. Dat weet je pas achteraf, als je 12 maanden niet meer ongesteld bent geweest.
- Postmenopauze: de jaren vanaf een jaar na je laatste menstruatie.
In Nederland is de gemiddelde leeftijd van de menopauze 50 tot 51 jaar. Ongeveer 2 op de 100 vrouwen bereiken die voor hun 40e. De overgang duurt meestal 3 tot 7 jaar, bij sommige vrouwen langer.
Veelvoorkomende klachten
Ongeveer 80% van de vrouwen merkt klachten tijdens de overgang. Bij de een zijn ze mild, bij de ander hebben ze invloed op slaap, werk en relaties. De meest voorkomende:
- Een andere menstruatie. Vaak het eerste teken: de cyclus wordt korter of langer, het bloedverlies heviger of minder, en soms sla je een menstruatie over.
- Opvliegers en nachtzweten. Een plotseling warm gevoel in gezicht, hals en borst, vaak met rood worden, zweten en een snellere hartslag. Een opvlieger duurt meestal 3 tot 5 minuten. Sommige vrouwen hebben er een paar per maand, anderen meerdere per uur. Ze komen het vaakst voor in het eerste jaar na de laatste menstruatie en houden meestal 3 tot 7 jaar aan. 's Nachts heet het nachtzweten.
- Slecht slapen, soms door nachtzweten, soms zonder duidelijke reden.
- Stemmingswisselingen. Je somber, prikkelbaar of angstig voelen. Het risico op een depressie is in de perimenopauze en de eerste jaren daarna 2 tot 5 keer zo groot.
- Vergeetachtigheid en moeite met concentreren. Ongeveer 6 op de 10 vrouwen van middelbare leeftijd hebben hier last van.
- Gewrichts- en spierpijn. Tot de helft van de vrouwen heeft dit rond de menopauze.
- Een droge vagina, jeuk of pijn bij het vrijen. Dit speelt bij ongeveer 15% van de vrouwen in de perimenopauze en 30% na de menopauze, en het blijft meestal zolang het niet behandeld wordt.
- Hoofdpijn, hartkloppingen, en veranderingen in gewicht en in waar vet wordt opgeslagen.
Niet elke klacht op deze leeftijd komt door hormonen. Bij gewrichtspijn, somberheid en vergeetachtigheid is volgens de NHG-Standaard niet helemaal duidelijk wat het verband met de overgang is. Ook stress, slaap, werk en zorg voor anderen spelen mee. Dat is een reden om bij te houden wat je merkt en wanneer.
Wat er op de lange termijn verandert
De meeste klachten gaan over. Twee veranderingen niet, en die zijn goed om te weten omdat je er iets aan kunt doen.
- Botten. De botdichtheid begint een paar jaar voor je laatste menstruatie af te nemen en neemt daarna verder af. Daardoor stijgt later in het leven het risico op botontkalking en botbreuken.
- Hart en bloedvaten. Na de menopauze stijgt het risico op hart- en vaatziekten.
De meeste vrouwen leven minstens een derde van hun leven na de menopauze. Spier- en botversterkende beweging, niet roken, genoeg vitamine D en calcium, en je bloeddruk in de gaten houden worden vanaf nu belangrijker. De Gezondheidsraad adviseert vrouwen van 50 tot 70 jaar dagelijks 10 microgram extra vitamine D, en iedereen boven de 70 jaar 20 microgram. Lees meer in Vitamine D na je 50e en op onze pagina over kracht, botten en balans.
Wat helpt
Je eigen patroon kennen
Als je een paar weken je klachten opschrijft, zie je hoe vaak ze voorkomen, hoeveel last je ervan hebt en of ze samenhangen met je cyclus, slaap of stress. Een afspraak bij de huisarts levert er ook meer door op. Ons klachtendagboek kost een minuut per dag en kun je uitprinten voor je huisarts.
Opvliegers en nachtzweten
- Praktische dingen waar veel vrouwen iets aan hebben: laagjes kleding, een koelere slaapkamer, een ventilator, en letten op wat bij jou opvliegers lijkt uit te lokken, zoals alcohol, warme dranken of pittig eten.
- Cognitieve gedragstherapie en andere manieren om stress te verminderen, zoals mindfulness, verminderen opvliegers. In onderzoek hadden vrouwen met ongeveer 8 opvliegers per dag er zo'n 3 minder.
- Hormoontherapie is de meest effectieve behandeling voor opvliegers en nachtzweten. Zoals elk medicijn heeft het voordelen en risico's, en die hangen af van je leeftijd, je gezondheid en hoe lang je het gebruikt. Je huisarts kan die met je doorlopen.
- De NHG-Standaard raadt zilverkaars en fyto-oestrogenen, zoals extracten van soja of rode klaver, af, omdat onderzoek niet heeft aangetoond dat ze klachten verminderen. Bij zilverkaars zijn ook meldingen van leverschade.
Bewegen en gewicht
Regelmatig bewegen en een gezond gewicht zijn goed voor je hart, botten, spieren en stemming. Onderzoek heeft niet aangetoond dat ze opvliegers zelf verminderen, dus beoordeel een beweegroutine daar niet op. De redenen om in beweging te blijven zijn de langetermijnredenen hierboven.
Een droge vagina
Een vochtinbrengende gel of een crème met hyaluronzuur kan helpen, al werkt het kort. Helpt het niet genoeg, dan kan je huisarts een middel voorschrijven dat je plaatselijk gebruikt.
Op je werk
Klachten kunnen invloed hebben op concentratie, slaap en energie op het werk. Bedrijfsartsen hebben sinds 2026 een eigen richtlijn over overgang en werk. Hebben klachten invloed op je werk, dan kun je een afspraak maken met de bedrijfsarts zonder dat via je leidinggevende te doen.
Wanneer naar de huisarts
Je hebt geen andere reden nodig dan "ik heb er last van". Maak een afspraak als:
- klachten invloed hebben op je slaap, werk, stemming of relaties;
- je weer bloedt nadat je 12 maanden niet ongesteld bent geweest. Laat dit altijd nakijken;
- je menstruatie erg hevig is, veel langer duurt dan normaal, of je bloedt tussen menstruaties door of na het vrijen;
- je menstruatie stopt voor je 40e;
- je je al een aantal weken de meeste dagen somber of angstig voelt;
- je vragen hebt over anticonceptie. In de perimenopauze kun je nog zwanger worden, dus vraag je huisarts hoe lang je het moet blijven gebruiken.
Schrijf voor de afspraak je belangrijkste klachten op, hoe lang je ze al hebt, de datum van je laatste menstruatie en welke medicijnen of supplementen je gebruikt. Neem je klachtendagboek mee als je dat bijhoudt.
Hoe Japan erover praat
Nami betekent "golf" in het Japans, en een deel van de reden voor die naam is de manier waarop Japan deze periode beschrijft. Het Japanse woord is kōnenki, vrij vertaald een seizoen van vernieuwing. Het staat voor een langere periode van verandering in het midden van het leven, zoals de puberteit aan de andere kant, en niet voor één moment of een medisch probleem.
In de jaren tachtig vergeleek de antropoloog Margaret Lock meer dan 1.200 Japanse vrouwen van 45 tot 55 jaar met grote groepen vrouwen in de Verenigde Staten en Canada. Japanse vrouwen meldden duidelijk minder vaak opvliegers en nachtzweten. Onderzoekers ontdekten ook dat taal meespeelt: het Japans heeft meerdere woorden voor verschillende soorten warmte, waar het Engels en Nederlands er één hebben. Voeding, cultuur en de manier waarop vragen worden gesteld lijken allemaal bij te dragen, en de verschillen worden nog steeds onderzocht.
Lees meer in ons journal: Kōnenki: hoe Japan over de overgang praat en Eten op z'n Japans.
Bronnen
- NHG-Standaard De overgang (2022), samengevat in Wiersma T, Van den Donk M, De Vries C. Huisarts en Wetenschap, 2022.
- NVAB, Richtlijn Overgang en werk (2026).
- Thuisarts.nl, Overgang.
- Gezondheidsraad, advies over vitamine D (2012) en Beweegrichtlijnen (2017).
- Lock M. Menopause: lessons from anthropology. Psychosomatic Medicine, 1998;60(4):410–419.
- University of Delaware, interview met antropoloog Melissa Melby (2025).
Verder lezen
Deze gids is algemene informatie en geen persoonlijk medisch advies. Gebruik je medicijnen of heb je een aandoening, vraag het dan aan je arts of apotheker.